Advertisement

Tussen het nieuws en de stilte

Er was vanochtend een bericht dat langs de randen van de dag schoof, zoals een dunne wolk het zonlicht kan verdunnen zonder het te bezitten. Cijfers, quotes, een kaart met pijlen die richting aangaven — en toch bleef er in mij iets oningevuld, een kamer waar de echo langer hing dan het geluid. Ik dacht aan hoe we onze aandacht ruilen voor duiding, hoe de wereld in regels past, maar zelden in adem. Het bericht was belangrijk, vast en zeker, maar mijn ogen zochten iets dat niet op het scherm stond: de trage betekenis tussen de zinnen.

De ruis en het hart

Tussen de ruwe korrel van het nieuws en de zachte weefsels van het hart ligt een smalle wip, altijd in beweging. Wat gebeurt er met ons als de feiten marcheren alsof ze de enige waarheid zijn, en onze verbeelding, die bron, op de stoep blijft staan? Soms vraag ik me af of we niet evenzeer gevormd worden door wat we niet weten, door het onafgemaakte, door de stilte die namen weigert. In die stilte begint iets te ontstaan dat niet meetbaar is maar wel leidend: richting, geweten, een besef dat we mogen aarzelen.

Traag kijken

Misschien is traagheid geen luxe maar een morele keuze. Traag kijken betekent dat ik de contouren van een bericht niet meteen als muren neem, maar als ramen. Ik laat lucht binnen. Ik stel onhandige vragen, die niet scoren maar wel luisteren: wat raakt mij hier werkelijk, en wat is slechts lawaai dat doet alsof? De tijd vertraagt, en in die vertraging zie ik de hand die schreef, de adem die stokte, de stad die buiten het kader doorgaat. Het nieuws wordt dan minder een trommel en meer een kom: iets om te dragen.

Een stille oefening

Ik leg mijn telefoon neer zoals je een steen in een rivier legt: niet om de stroom te stoppen, maar om het water een nieuwe taal te geven. Ik lees een alinea hardop. Ik herleid woorden tot klanken, tot betekenis die in mijn mond weegt. Dan bel ik iemand, niet om te zenden maar om te horen hoe het bericht door een andere borstkas gaat. Samen vormen we een langzaam antwoord, rafelig, eerlijk, niet af.

Zo bouw ik een kleine plek in de dag waar de wereld niet kleiner maar helderder wordt. Waar nieuws niet het einde van denken is maar het begin van waarnemen. Ik weet: er is haast in de straten, er zijn besluiten die niet kunnen wachten. Toch bewaak ik een fractie van stilte, een plaats waar begrip niet wordt afgedwongen maar mag landen. Daar, in die lichte val, herken ik wat waarde heeft en wat alleen maar luid is.