Advertisement

De adem tussen de regels: traag lezen van het nieuws

Vanochtend schoof een melding over mijn scherm als een zwaluw: een nieuwsbericht, niet schokkend, niet geruststellend, maar dat onrustige midden waar de adem korter gaat. Ik las en merkte hoe de woorden de kamer deden rillen, alsof de wereld een fractie kantelde. Het bericht ging over mensen, maar ook over cijfers, verklaringen. Tussen die lijnen zocht ik naar een gezicht, naar ogen die terugkeken.

Tijd die uit zijn voegen kraakt

Nieuws is een machine die tijd fijnmaalt. Wat vandaag een golf is, was gisteren een rimpel en morgen misschien een vlek in het geheugen. In die versnelling raakt het trage kwijt: de koffiekop die trilt in een hand, het getwijfel aan een keukentafel, de schaamte, de koppigheid, de schroom. Ik vraag me af hoeveel waarheden verloren gaan in die vaart. Misschien is elk bericht een samenvatting van een samenvatting, een echo met krimpende kamers.

Ik dacht aan vroeger, aan de radio die zacht stond terwijl de dag nog nauwelijks begonnen was. Iemand draaide de volumeknop omlaag om beter te horen. Die paradox blijft me bezighouden: je dempt om te luisteren. Zo probeer ik nu de ruis te verminderen, het rumoer van meningen. Wat blijft er over wanneer je het luidste wegneemt?

De stilte tussen twee regels tekst

In die stilte verschijnt soms een contour. Geen overtuiging, eerder een vraag met glimranden: wie wordt hier niet genoemd, wie kijkt toe zonder woorden? Ik stel me de schouders voor die deze dag dragen, de handen die wachten, de lippen die aarzelen. Het maakt het bericht niet waarachtiger, maar wel draaglijker, omdat het ruimte krijgt om te ademen, om even mens te zijn in plaats van gebeurtenis.

Misschien is dit onze kleine verantwoordelijkheid als lezers: traagheid oefenen. Niet om de wereld te ontkennen, maar om haar op te merken in het tempo waarin ze zich ontvouwt. Eén detail per keer, een naam die je zegt. We herschrijven het bericht niet, maar wel de manier waarop het ons raakt, hoe het door onze dagen sijpelt als regen door zand.

Wat blijft

Morgen loop ik door de straat; niemand hoort wat ik vandaag las. Toch zit het in mijn pas, in hoe ik groet, in hoe ik de deur iets langer openhoud. Nieuws verandert zelden alles ineens; het verschuift de hoek waaronder we kijken. Soms is dat genoeg: een draai, zodat het licht anders valt en een onbekend detail de contour van ons mededogen krijgt.